Brief nummer 237 met muziek notatie.
In het kader van dit project zijn al eerder brievencollecties van Willem Witsen, Couperus, Willem Kloos en Herman Gorter beschreven, gedigitaliseerd en toegankelijk gemaakt. Jacobus van Looy heeft zijn leven lang actief en veelvuldig gecorrespondeerd met schrijvers, dichters en kunstenaars, vooral uit de kringen van de Amsterdamse Impressionisten. Een groot aantal van de brieven die tijdgenoten van Van Looy schreven zijn behouden gebleven in de collectie van de Stichting Jacobus van Looy.
In deze brieven wordt openhartig en soms zelfs in bewogen bewoordingen gesproken over de stormachtige ontwikkelingen in de kunst en literatuur rond 1900. Deze caleidoscopische collectie geeft een indringend beeld van de hechte en intensieve artistieke en literaire relaties aan het einde van de negentiende eeuw.

Schetsje op de achterkant van brief nr. 252
De collectie is voor literair en kunsthistorisch onderzoek van deze tijd van zeer grote waarde.
Daarnaast wordt door de Stichting ook een verzameling brieven bewaard die Van Looy zelf schreef. In deze collectie bevinden zich brieven aan August Allebé, de directeur van de Rijksakademie, geschreven tijdens de reis die Van Looy maakte naar Italië, Engeland en Spanje.

Soest 21 Juli 1902, brief nr. 157
Binnen het Metamorfoze project zijn de brievencollecties gedigitaliseerd en opgenomen in het door de Koninklijke Bibliotheek opgezette bestand van digitale brievencollecties.
|